Verbonden Léven

Joh. 15, 18-21 (16/05/2020)

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: 'Als de wereld u haat bedenk dan dat zij mij eerder heeft gehaat dan u.
Als gij van de wereld zoudt zijn, zou de wereld liefhebben wat haar toebehoort. Daar gij echter niet van de wereld zijt
maar ik u uit de wereld heb uitgekozen, daarom haat de wereld u. Herinnert u wat ik u gezegd heb: een dienaar
staat niet boven zijn heer. Als ze mij vervolgd hebben zullen ze ook u vervolgen. Als ze mijn woord onderhouden hebben
zullen ze ook het uwe onderhouden. Maar dit alles zullen zij u vanwege mijn naam aandoen, want hem die mij gezonden heeft kennen zij niet.'

Stel dat je een folder in handen krijgt van een vormingsreeks waarop het volgende te lezen staat.
De Inspirator van deze reeks is een man uit één stuk, consequent en hij verwacht van de deelnemers hetzelfde. Verder is al wat je zal ontdekken toepasbaar in het leven, maar weet dat:
• de wereld je zal haten en vervolgen
• bij het toepassen van de leerstof je gegarandeerd opzij geschoven wordt, aan de kant gezet en uitgelachen
Zou jij je inschrijven? Zou je deelnemen? Ik voel je aarzelen 😊.
En toch … lees je verder. Het mag duidelijk zijn dat jij jezelf niet bij de doorsnee mens moet rekenen, die zou allang afgehaakt zijn.
Toch volg je deze man en erken je hem als leidsman en tochtgenoot. Waarom?
Is het omdat je weet dat ook hij zo geleefd heeft? Of omdat je weet dat uiteindelijk de Liefde overwint en dat leven vanuit die Liefde een verschil zal maken in de wereld?
Je gaat ervoor omdat het zijn keuze is om jou uit de wereld te trekken. Hij is het die jou kiest als zijn volgeling, om te getuigen van hem. Jij bent dus een keuze van G-d!

Joh.15,18-21 (8/5/2021)

Als de wereld jullie haat, besef dan dat ze mij eerder heeft gehaat dan jullie. Als jullie van de wereld zouden zijn, dan zou ze wel vriendelijk behandelen wat haar eigen is, maar omdat jullie niet van de wereld zijn, omdat ik jullie heb uitgekozen úit de wereld, daarom haat de wereld jullie.
Her-inner je het woord dat ik tegen jullie sprak: Een dienaar is niet groter dan zijn heer. [Joh.13,16] Als ze mij hebben vervolgd, zullen ze ook jullie vervolgen; en als ze mijn woord hebben be-waard [waargemaakt], zullen ze ook dat van jullie be-waren.
En dit alles zullen ze jullie aandoen omwille van mijn naam, omdat ze geen voeling hebben met wie mij gezonden heeft!

De voorbije dagen waren de kernwoorden: Liefde en Verbondenheid. Vandaag gaat het de andere kant op. Jezus waarschuwt z’n leerlingen voor de haat en het onbegrip dat zij zullen moeten ondergaan.
“Weet goed” zegt hij “geloven in mij brengt onbegrip en weerstand met zich mee. Weet dat als jij je leven uit handen geeft, de ander er niets van zal begrijpen. Weet dat ze je zullen haten omwille van de confrontatie die jouw liefdevolle leven met zich meebrengt. Je weet toch dat mensen niet zitten te wachten om te erkennen dat niet zij hun leven maken maar dat het gegeven is, dit idee druist volledig in tegen de autonomiegedachte die voor hen hét na te streven ideaal is.“
Waarom toch willen wij dan deze man volgen en erkennen als leidsman en tochtgenoot?
Is het omdat we weten dat ook hij zo geleefd heeft? Of omdat we weten dat uiteindelijk de Liefde overwint en dat leven vanuit die Liefde een verschil zal maken in de wereld?
We gaan ervoor omdat het zijn keuze is om ons uit de wereld te trekken. Hij is het die ons kiest als zijn volgelingen, om te getuigen van hem. Wij zijn een keuze van G-d!

Joh. 15, 26-27;16,1-4a (18/05/2020)

In die tijd sprak Jezus tot zijn leerlingen: 'Wanneer de helper komt, die ik u van de Vader zal zenden,
de Geest der waarheid die van de Vader uitgaat, zal hij over mij getuigenis afleggen. Maar ook gij moet getuigen,
want vanaf het begin zijt gij bij mij. Dit heb ik u gezegd opdat gij niet ten val komt. Zij zullen u uit de synagoge bannen.
Ja, er komt een tijd dat ieder die u doodt zal menen een daad van godsverering te stellen. Zij zullen dat doen
omdat zij noch de Vader noch mij erkend hebben. Dit heb ik u gezegd opdat, wanneer de tijd hiervan aanbreekt,
gij u zoudt herinneren dat ik het u gezegd heb.'

 Vandaag komt opnieuw de Helper ter sprake, de Geest van Waarheid, de levensadem van waaruit ook Jezus getuigde.
Hier gaat het niet over de harde waarheid van cijfers of wetenschappelijke bewijzen. Het gaat niet over een politieke waarheid
waarin men niet luistert naar elkaar maar slechts zender wil zijn van een eigen waarheid. Het gaat over de waarheid die
Jezus al levend (en ook al stervend) heeft voorgeleefd, een manier van leven. Een leven dat doorademd is van waarheid laat immers zien
wat het inhoudt om mens te zijn. Over die waarheid gaat het, de waarheid die ons verbindt met anderen en niet doet opsluiten in onszelf.
Waarheid als echtheid, geworteld in G-d en verbonden met allen en alles. Over die waarheid moeten we getuigen,
wetende dat mensen die hierover getuigen zelden op gejuich worden onthaald. De profeten hebben dit ervaren en ook Jezus.
Toch vraagt hij om te getuigen en zegt: “Maak je geen illusie: vervolging, uitsluiting en haat zullen je deel zijn.”
Maar hij belooft ons ook een Helper te zenden. De Geest, Ruach, die waait als een bries om en door ons heen

Joh.15,26 – 16,4a (10/5/2021)

Maar wanneer de Medestander komt die ik van bij de Vader naar jullie zal zenden, de Geest van de waarheid die van de Vader uitgaat, zal díe over mij getuigen. En ook jullie zullen getuigen, omdat je vanaf het begin bij mij bent geweest.
Ik heb jullie deze dingen gezegd opdat je niet zou struikelen. Ze zullen jullie uit de samenkomsten weren. Ja, er komt een uur dat ieder die jullie doodt zal denken een dienst aan God te doen! En ze zullen dat doen omdat ze noch mij noch de Vader hebben leren kennen.
Maar ik heb jullie deze dingen gezegd opdat wanneer dat uur komt, je je zou her-inneren dat ik ze gezegd heb.

Het valt mij op hoe vaak Jezus in deze Paastijd verwijst naar de Geest van de waarheid. Het is duidelijk een belangrijk item voor hem, nu hij zijn leerlingen voorbereidt op een leven zonder zijn fysieke aanwezigheid. Hij belooft hen niet verweesd achter te laten. Hij weet immers hoe lastig het zal worden om met woord en daad zijn liefde te leven, van die liefde te getuigen en ze ter sprake (tot spreken) te brengen. Onthoud het maar, jullie zullen er niet alleen voor staan, er zal een Helper gegeven worden.
Zijn belofte geldt nog altijd. Die Medestander wordt ook aan ons toegezegd. Hij is er, de Geest van waarheid, de vraag is of wij hem herkennen in ons leven.
Het is de Geest die ons G-ds aanwezigheid doet onderscheiden. Het is de Geest die ons doet onderscheiden wat Go(e)d is, die ons leidt zodat wij (en de mensen rondom ons) mogen ervaren dat hij ons in-ademt, dat hij in ons ademt. Het is de Geest die ons aanvuurt om – in woord en daad – te getuigen van die goddelijke aanwezigheid.

Joh.16,5-11 (11/5/2021)

Nu ga ik heen naar wie mij gezonden heeft. En niemand van jullie vraagt: Waar ga je heen?
Omdat ik deze dingen heb gezegd, is jullie hart van droefheid vervuld. Maar ik zeg jullie de waarheid: Het is in jullie belang dat ik wegga! Want als ik niet wegga, zal de medestander niet naar jullie komen; maar als ik wel wegga, zal ik hem naar jullie zenden.
En wanneer hij gekomen zal zijn, zal hij in de wereld aan het licht brengen hoe het zit met de zonde, de gerechtigheid en het oordeel.
Over de zonde [verwijdering]: omdat ze niet vertrouwen in mij;
over de gerechtigheid [integriteit]: omdat ik heenga naar de Vader
en jullie mij niet meer zullen aanschouwen;
over het oordeel: omdat de heerser van de wereld geoordeeld is.

Jezus kondigt zijn afscheid aan. De leerlingen zijn echter niet in staat hier naar te luisteren. Wat Jezus ook probeert te zeggen, het komt niet binnen.
Ze steken hun hoofd in het zand en horen amper wat hen wordt toegezegd. Hij zal weggaan maar niet zonder de heilige Geest te zenden als bondgenoot.
De Geest die Jezus zal zenden laat zien waar het op aan komt in de wereld en in het leven. Het is een Geest die geloof schenkt. Als wij ons voor die Geest open stellen en met open ogen en oren in de wereld durven te staan, zullen we niet meer kunnen wegkijken van onrecht, individualisme, geweld ... Het is die Geest die de waarheid bekend maakt, een waarheid die niet aan ons gegeven is als een bezit dat je kan koesteren, maar die alles te maken heeft met Christus en hoe hij leefde, hoe hij mensen vrij maakte en hoe hij zijn leven heeft gegeven.
Aan ons om niet langer ons hoofd in het zand te steken maar ons toe te vertrouwen aan die Geest en zo een nieuwe frisse wind te laten waaien door ons leven. Dan zal zijn vuur in ons oplaaien, onstuitbaar, als adem ten leven.

Joh. 16, 5-11 (19/05/2020)

'Maar nu ga ik heen, naar hem die mij gezonden heeft, en niemand van jullie vraagt mij: 'Wáár ga je heen?'
Nu ik jullie dat alles gezegd heb, is jullie hart vol droefheid. En toch, om de waarheid te zeggen:
voor jullie eigen bestwil moet ik weggaan; doe ik dat niet, dan zal de Helper niet komen; maar als ik heenga,
zal ik hem naar jullie toezenden. En als hij komt, zal hij het ongelijk van de wereld aantonen, en laten zien wat zonde,
wat gerechtigheid en wat oordeel is. Wat zonde is: dat ze niet in mij willen geloven; wat gerechtigheid is: dat ik heenga, naar de Vader,
en dat jullie me niet meer zullen zien; wat oordeel is: dat de vorst van deze wereld is veroordeeld.'

Jezus kondigt zijn afscheid aan. De leerlingen echter zijn niet in staat hier naar te luisteren. Wat Jezus ook probeert te zeggen, het komt niet binnen.
Koppig steken ze hun hoofd in het zand en horen amper wat hen wordt toegezegd. Hij zal weggaan maar niet zonder de heilige Geest te zenden als bondgenoot.
Een Geest die laat zien waar het op aan komt in de wereld, in het leven. Een Geest die geloof schenkt. Als wij ons hier voor open stellen
en met open ogen en oren in de wereld durven te staan, zullen we niet meer kunnen weg kijken van onrecht, individualisme, geweld ... Het is die Geest
die de waarheid bekend maakt. Een waarheid die niet aan ons gegeven is als een bezit dat je kan koesteren, maar die alles te maken heeft met Christus en hoe hij leefde,
mensen vrij maakte, zijn leven heeft gegeven.
Aan ons om niet langer ons hoofd in het zand te steken maar ons toe te vertrouwen aan die Geest en zo een nieuwe frisse wind te laten waaien door ons leven.
Zo zal zijn vuur in ons oplaaien, onstuitbaar, als adem ten leven.