Verbonden Léven

Mt.28,8-15 (5/4/2021) 

Haastig gingen de vrouwen, in ontzag en grote vreugde, terug van het graf naar zijn leerlingen om het [de boodschap van de engel dat Jezus was verrezen] hen te berichten.
En kijk! Terwijl ze onderweg waren, kwam Jezus hen tegemoet en zei: “Met vreugde gegroet!” [ Goeiemorgen!] Zij liepen op hem toe, bogen voor hem neer en klampten zijn voeten vast.
Jezus zei tegen hen: “Wees niet bang! Ga, en bericht mijn broers dat ze naar Galilea moeten gaan. Daar zullen ze mij zien.” En zij gingen.
Maar kijk! Enkele van de wachters kwamen in de stad en berichtte de hogepriesters wat er was gebeurd. Zij kwamen bijeen met de oudsten en namen een raadsbesluit: Ze gaven de soldaten veel zilverlingen met de opdracht: “Zeg dat zijn leerlingen hem ’s nachts zijn komen stelen, terwijl wij sliepen. En als het de landvoogd [Pilatus, die de wacht bevolen had] ter ore zou komen, zullen wij hem wel overtuigen zodat jullie je geen zorgen moeten maken.” Zij namen de zilverlingen en deden zoals hun was aangeleerd, en dit verhaal deed onder de Joden de ronde, tot op vandaag.

Wat mij in (het eerste deel van) dit Paasbericht opvalt, is dat het eigenlijk ook gebeurt “terwijl ze onderweg waren”. Bij het graf zelf waren er wel de boodschappers geweest, de signalen en knipoogjes dat er ‘meer’ is dan ik nu zie. Maar de ontmoeting met Jezus zelf gebeurt onderweg!
Wie blijft vasthangen in wat er níet is, zal niet zien wat er wél is. Wie in een doodse situatie zich niet in beweging laat zetten, zal geen leven ontmoeten. Vertwijfeling en verdriet zullen wellicht nog ons deel zijn. De opgestane Heer maakt daar ook geen verwijten over, zelf wetend van menselijkheid, maar plaatst er vreugde en bevrijding bij, wetend van Goddelijkheid!
Ook de leerlingen zullen moeten ‘gaan’, naar Galilea. Dat is: naar het gewone leven, want daar kwamen de meesten vandaan! Dáár zullen ze Jezus ontmoeten! Niet in Jeruzalem, het centrum van de politieke en religieuze macht, volgens Matteüs. Daar (in Jeruzalem) creëert men theorieën over wat er is gebeurd – of om hem dood te zwijgen …

2de Paasdag: Mt. 28,8-15 (13/4/2020)

In die tijd gingen de vrouwen terstond weg van het graf met vrees en grote vreugde, en zij haastten zich het nieuws aan zijn leerlingen over te brengen.
En zie, Jezus kwam hen tegemoet en zeide: 'Weest gegroet.' Zij traden op hem toe, omklemden zijn voeten en aanbaden hem. Toen sprak Jezus tot hen:
'Weest niet bevreesd. Gaat aan mijn broeders de boodschap brengen dat zij naar Galilea moeten gaan en daar zullen ze Mij zien.' Terwijl de vrouwen onder­weg waren,
gingen enkelen van de bewakers naar de stad en berichtten aan de hogepriesters alles wat er was voorgevallen. Dezen hielden een bijeenkomst met de oudsten en na overleg gaven ze aan de soldaten een flinke som geld, met de opdracht: 'Zegt maar: Zijn leerlingen zijn Hem in de nacht komen stelen terwijl wij sliepen. En mocht dit soms de landvoogd ter ore komen, dan zullen wij hem wel kalmeren en er voor zorgen dat gij geen last krijgt.' Zij  namen het geld aan en deden zoals hun voorgezegd was. Dit verhaal is onder de Joden verder verteld tot op de dag van vandaag.

Twee vrouwen komen bij het lege graf een vloed van emoties overspoelt hen: angst, vreugde. Maar als het ware onmiddellijk dringt het positieve tot hen door.
Vol vreugde keren ze terug. Open voor een nieuwe toekomst en in die opengekomen ruimte komt hij hen tegemoet, stelt hen gerust en laat weten waar ook de andere leerlingen hem kunnen ontmoeten.
In Galilea! De plaats waar armen en rechtelozen leefden. Daar bij het meer waar zij hem hebben ontmoet.
Daar zullen ze hem ook nu zien, wanneer ze weer met beide voeten in het gewone leven teruggekeerd zijn.
Waar stuurt hij mij naartoe? Bij wie, waar ligt mijn 'Galilea'
Niet alleen vreugde en een hoopvolle zending komen hier ter spraken maar er is duidelijk ook sprake van een doofpotoperatie die op touw gezet wordt.
Met omkoperij wordt de soldaten het zwijgen opgelegd en nog meer omkoperij zorgt ervoor dat de gouverneur niet moeilijk gaat doen.
Herkenbaar ook 2000 jaar later, nog altijd zou ik zo denken.
En toch ….
Hij is niet dood. Hij leeft!

Mt.28,16-20 (21/05/2020)

De elf leerlingen begaven zich naar Galilea, naar de berg die Jezus hun aangewezen had.
Toen zij hem zagen wierpen ze zich in aanbidding neer; sommigen echter twijfelden.
Jezus trad nader en sprak tot hen: 'Mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde.
Gaat dus en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest,
en leert hun te onderhouden alles wat ik jullie bevolen heb. Ziet, ik ben met jullie alle dagen tot aan de voleinding der wereld.'

3 details vallen op:
1° Het speelt zich af in Galilea. Dat is de gewone woonplaats van de meeste van de leerlingen. Thuis dus, op hun eigen plek.
Wég ook van het centrum van de politieke macht; wég ook van het centrum van het religieuze establishment.
De plek waar je gezonden wordt en daarvoor de Geest ontvangt is dus eerder in ‘Galilea’ te vinden dan in ‘Jeruzalem’.
2° Sommigen twijfelen. Oef! Dat mag! Gewoon menselijk zijn mág! De zending en de Geest daartoe krijgen ze toch!
Onze (klein)menselijkheid is dus ook geen excuus om er niets mee te doen.
3° “Zie”, staat er. Het kan lijken alsof dat alleen bedoeld is om de aandacht te trekken, maar het heeft wel degelijk te maken met ‘zíen’.
Zíe ik dat Christus ‘met mij is’? Zíe ik dat ik drager ben van zijn Geest? Zíe ik al die duizenden sporen van Gods Aanwezigheid?
‘Hemelvaart’ betekent juist dat de beperkingen van het fysieke zien opgeheven worden, om plaats te maken voor een veel ruimer ‘zien-in-de-Geest’.